Korte berichten
LHV, NHG, VHN en KNMP willen LSP behouden
5 april 2011
LHV, NHG, VHN en KNMP verkennen op dit moment hoe regionale initiatieven voor het elektronisch uitwisselen van medische gegevens verder kunnen worden ontwikkeld. De beroepsorganisaties van huisartsen(posten) en apothekers hebben hierover afspraken gemaakt met minister Schippers van Volksgezondheid.
LHV, NHG, VHN en KNMP zijn voorstander van het elektronisch uitwisselen van patiëntgegevens. Samen met patiëntenorganisaties en andere beroepsorganisaties in de zorg willen huisartsen en apothekers voortgang blijven boeken in het uitwisselen van medische informatie. Waarbij een goede balans moet worden gevonden tussen bruikbaarheid en privacy in combinatie met een realistisch groeiscenario. Daarvoor zijn de in de afgelopen jaren ontwikkelde landelijke standaarden voor veiligheid en uitwisseling van gegevens in de zorg en technieken zoals die van het LSP nodig. (ICTzorg – ICTzorg / Twitter)
ICTzorg magazine
Digitalisering nog in kinderschoenen bij meerderheid zorginstellingen
24 maart 2011
Uit onderzoek onder bezoekers van de beurs Zorg&ICT blijkt dat 46 procent van de ondervraagden aangeeft dat de digitalisering van documenten in hun organisatie nog in de kinderschoenen staat. Een kwart van de ondervraagden antwoordt dat er nog geen sprake is van een papierloze organisatie, maar dat steeds meer documenten digitaal beschikbaar worden gesteld.
Uit de enquête blijkt ook dat 30 procent van de zorginstellingen serieus werk maakt van het digitaliseren van informatie. Deze instellingen verwerken alle binnenkomende papieren documenten binnen enkele dagen tot digitale bestanden. Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van Ricoh, leverancier van IT- en documentmanagementoplossingen.
Milieubelang
Hoewel bij een groot aantal zorginstellingen digitale documenten nog geen gemeengoed zijn, erkent men wel het milieubelang hiervan. Op de vraag welke aanpassing binnen de organisatie goed zou zijn voor het milieu, kiest 86 procent van de geënquêteerden voor papierloze oplossingen zoals digitaal factureren. De geënquêteerden werd tevens gevraagd naar hun voorkeur voor ICT-producten met een ‘groen’ predicaat. Als de organisatie een nieuw ICT-product aanschaft, vindt 42 procent van de ondervraagden dat deze een groen label moet hebben. Ruim een derde (34 procent) vindt dit belangrijk, echter alleen bij een min of meer gelijke prijs als die van vergelijkbare producten zonder groen keurmerk. Een kwart van de ondervraagden geeft aan dat ‘groene labels’ geen bepalende factor moeten zijn in de keuze van ICT-producten.
Digitale borden
Een groeiend aantal zorginstellingen ziet het belang van digitale documentoplossingen en mogelijkheden om zowel specialisten als cliënten beter te informeren. Bij steeds meer ziekenhuizen wordt bijvoorbeeld patiëntregistratie via touch-screen zuilen mogelijk of worden patiënten over hun afspraak en wachttijden geïnformeerd via digitale borden, geïnspireerd op de informatieborden op Schiphol. Op de vraag of patiënten gebaat zijn met informatie over hun afspraak en wachttijden via digitale borden, is 84 procent van de respondenten uit het onderzoek op Zorg&ICT van mening dat dit een ideale oplossing zou zijn. Patiënten worden zo direct op de hoogte gesteld van eventuele uitloop van de afspraak. Van de ondervraagden geeft slechts 16 procent aan dat digitale informatieborden geen succes zouden zijn, enkelen geven als reden dat de patiënt hier bijvoorbeeld nerveus van kan worden. (ICTzorg – ICTzorg / Twitter)
Handboek NEN 7510 wordt herzien
17 december 2010
Nu NEN 7510 wordt gereviseerd, wordt ook het handboek NEN 7510 herschreven. Gebruikers worden daarom gevraagd naar hun input en ervaringen om het handboek na herziening nog beter op de wensen te laten aansluiten.
In november 2005 verscheen de eerste versie van het Handboek NEN 7510. Dit handboek is door veel bezoekers van het Steunpunt NEN 7510 gedownload en gebruikt bij de implementatie van NEN 7510. Voor de herziening worden de gebruikers gevraagd op de volgende vragen te antwoorden: Maakt u gebruik van het handboek en de bijlagen? Zijn er onderwerpen in het handboek die aanpassing behoeven? Beschikt u over voorbeelddocumenten (templates) die de bestaande bijlagen van het handboek zouden kunnen vervangen of kunnen aanvullen? En mist u bepaalde voorbeelddocumenten bij het handboek, waaraan u sterke behoefte heeft? (ICTzorg – ICTzorg / Twitter)
Achmea start selectieve inkoop complexe operaties
11 maart 2011
De Achmea-onderdelen Zilveren Kruis en Agis gaan vanaf 2012 geen ziekenhuiszorg meer inkopen die niet aan de normen voldoet die de verzekeraar dit jaar heeft laten vaststellen. Het gaat om acht behandelingen.
Op de site van de verzekeraar laat Achmea weten dat uiterlijk per 1 januari 2012 alle ziekenhuizen aan de kwaliteitsnormen moeten voldoen. Als dat niet lukt mogen ziekenhuizen de tekort schietende behandelingen niet langer uit voeren. Achmea gaat de normen hanteren die in januari 2011 door de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (NVvH) voor een achttal operaties zijn opgesteld. De normen omvatten onder andere een minimum aantal operaties dat een ziekenhuis per jaar moet doen. Het gaat om complexe operaties voor onder andere borstkanker, darmkanker, blaaskanker, slokdarmkanker, longkanker, uitzaaiingen in de lever en verwijde buikaorta.
Monitoren
“Het is goed dat de beroepsgroep normen vaststelt”, staat op de site te lezen. “Op deze manier kunnen we samen stappen zetten in het continu verbeteren van de zorg. Wij zullen deze normen ook gaan monitoren en zo nodig ziekenhuizen selectief contracteren per 2012.”
Concentratie
Met ziekenhuizen die (nog) niet aan de normen voldoen en de omliggende ziekenhuizen gaat Achmea de komende maanden bespreken welke mogelijkheden er zijn om de zorg te herschikken door samenwerkingsverbanden of het niet meer uitvoeren van deze behandeling. “Daarbij willen we zo veel mogelijk rekening houden met regionale spreiding, zodat onnodig lange reistijden worden voorkomen” aldus Roelof Konterman, voorzitter divisie Zorg van Achmea. (Zorgvisie – Wouter van den Elsen / Twitter)
Winnaar ‘beste zorgidee 2009′ bekend
2 november 2009
Renate Rammeloo uit Breskens presenteerde op 29 oktober haar idee om een boodschappenpakket mee te geven aan patiënten die net ontslagen zijn uit het ziekenhuis. ONVZ Zorgverzekeraar riep haar idee uit tot ‘Het Beste Zorgidee’ van 2009. Het idee van Rammeloo is bedoeld voor oudere en alleenstaande patiënten die na hun ontslag uit het ziekenhuis niet direct weer boodschappen kunnen doen.Ze ontving voor haar idee een cheque ter waarde van 10.000 euro van zorgverzekeraar ONVZ.
Nominaties beste zorgidee
Naast Renate Rammeloo werd Hanneke Bosman uit Enschede genomineerd met de ‘Dit ben ik kaart’voor mensen met een verstandelijke beperking. Op de kaart kan de zorgverlener snel lezen wie de persoon is en waarmee hij rekening moet houden. Welmoed van Boven uit Zeist werd genomineerd met het idee patiënten na een zorgbehandeling een verwenpakket mee te geven met producten en samples van bedrijven en een folder van de vriendenstichting van de zorgorganisatie.
Initiatief van zorgverzekeraar
ONVZ Zorgverzekeraar startte in 2008 de wedstrijd ‘Het Beste Zorgidee’ om de Nederlandse bevolking mee te laten denken over verbetering van de zorg. Iedereen kan een idee indienen.
‘St. Antonius is meest gezonde topklinische ziekenhuis’
13 augustus 2009
Het Sint Antonius Ziekenhuis in Nieuwegein is financieel gezien het meest gezonde topklinische ziekenhuis, blijkt uit onderzoek van AME Research. Het Martini Ziekenhuis in Groningen presteert het slechtst.
Het onderzoeksbureau maakt een rangorde aan de hand van de operationele marge, de solvabiliteit en het rendement op het vermogen van de topklinische ziekenhuizen. De tweede plaats voor de financiële prestaties in 2008 gaat volgens deze berekening naar het Medisch Centrum Haaglanden. Het Amphia ziekenhuis in Breda staat op de derde plaats.
Martini Ziekenhuis
Het Martini Ziekenhuis in Groningen staat onderaan de ranking van AME Research. Van de 26 topklinische ziekenhuizen scoort dit ziekenhuis het slechtst. Het is “nauwelijks solvabel”, volgens het onderzoeksbureau. Verder heeft het Martini Ziekenhuis een negatief rendement op het totale vermogen. Andere zwakke broeders zijn het Máxima Medisch Centrum en het Albert Schweitzer ziekenhuis in Dordrecht.
‘Ziekenhuis interessant als investering’
Een topklinisch ziekenhuis kan een mooi beleggingsobject voor investeerders zijn. De 26 topklinische ziekenhuizen hoeven maar vier procent op hun totale bedrijfskosten te besparen om een bedrijfsresultaat van bijna zeven procent van hun omzet te bereiken. Dit resultaat is marktconform. Zo voegen zij economische waarde toe in een financieel concurrerende omgeving. Volgens het onderzoek is dit een haalbare doelstelling. De topklinische ziekenhuizen moeten dan wel gezamenlijk 247 miljoen euro besparen door “een groter kostenbewustzijn”.
Topklinische ziekenhuizen
Een topklinisch ziekenhuis dient hooggespecialiseerde zorg te verlenen. Zij moeten ook onderwijs en opleidingsmogelijkheden bieden en in samenwerking met universitair medische centra wetenschappelijk onderzoek toepassen in de praktijk. De ziekenhuizen werken samen vanuit de vereniging Samenwerkende Topklinische opleidingsziekenhuizen. (Zorgvisie – Nico van Wijk)
Britse patiënten kijken EPD niet in
11 februari 2011
Slechts 60 patiënten per maand kijken in Groot-Brittannië hun EPD in. De laatste cijfers laten zien dat bijna niemand interesse heeft in de medische gegevens in het EPD. Dat meldt ehealthinsider.
Het zogenaamde HealthSpace werd in 2007 gelanceerd door de Labour-regering. In meer dan drie jaar hebben echter slechts 3000 patiënten hun dossier ingezien, zo maakte het Britse ministerie voor Volksgezondheid bekend.
Systeem
Het systeem, waarmee artsen en patiënten medische gegevens kunnen inzien, is tot nu toe erg beperkt. Het registratiesysteem zou bovendien te ingewikkeld zijn. Patiënten moeten lijfelijk aanwezig zijn om de registratie te completeren en hebben een login-kaart nodig om het EPD te kunnen gebruiken. De nieuwste aanpassing van HealthSpace wordt een online registratiemogelijkheid en een authentificatieservice. (ICTzorg – ICTzorg / Twitter)
Brits e-healthproject leidt tot 86 procent minder ziekenhuisbezoeken
10 februari 2011
Een e-healthproject heeft in Groot-Brittanië geleid tot een daling van het aantal ziekenhuisbezoeken van 86 procent. Dit meldt e-healthinsider.
De proef vond plaats in Birmingham. 75 patiënten kregen thuis een monitor. De uitslagen werden doorgestuurd naar een callcenter waar patiënten terecht kunnen met problemen. De patiënten zouden normaliter gezamenlijk 1353 dagen in het ziekenhuis doorbrengen. Na het gebruik van de monitors was dit 291 dagen. Dit levert het ziekenhuis 276.000 pond op, ondanks de investering van 1000 pond per apparaat. Tien procent van de gebruikers gaf de apparaten terug, omdat ze er niet mee om konden gaan of omdat ze ze te opdringerig vonden. (ICTzorg – ICTzorg / Twitter)
IGZ: kwaliteit gaat voor keuzevrijheid
11 februari 2011
Als het streven naar hogere kwaliteit van ziekenhuiszorg botst met het belang van keuzevrijheid, dan prevaleert kwaliteit als het gaat om operaties waarbij patiënten hoge risico’s lopen. Dat verklaart hoofdinspecteur Wim Schellekens van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) tegenover Zorgvisie.
De Nederlandse Vereniging van Heelkunde (NvvH) heeft eind januari kwaliteitsvoorwaarden en volumenormen opgesteld voor hoogcomplexe ziekenhuiszorg. Zo moeten ziekenhuizen minimaal vijftig borstkankeroperaties en twintig longkankeroperaties doen om te voldoen aan de volumenormen. Het gaat om operaties waarbij patiënten veel risico lopen. Hoe meer verrichtingen chirurgen en een behandelteam doen, hoe meer ervaring en routine ze opbouwen en hoe minder risico patiënten lopen.
Normen
De IGZ juicht het initiatief van de chirurgen toe en roept andere medisch specialismen op hetzelfde te doen. Ziekenhuizen krijgen een jaar de tijd om te voldoen aan de nieuwe normen. Ze moeten zelf nagaan welke behandelingen ze verantwoord kunnen blijven uitvoeren. In 2012 gaat de IGZ zo nodig handhavend optreden. “Als ziekenhuizen niet voldoen aan de normen, moeten ze stoppen met bepaalde vormen van zorg of intensiever samenwerken met andere ziekenhuizen”, stelt Schellekens. “Ziekenhuizen moeten in regionale beleidsplannen afspreken hoe ze de hoogcomplexe zorg met elkaar gaan regelen in een regio. Concentratie en specialisatie zijn onvermijdelijk om te voldoen aan de kwaliteitsnormen die de wetenschappelijke verenigingen van medisch specialisten opstellen.”
Keuzevrijheid
Als ziekenhuizen stoppen met bepaalde verrichtingen, zal de keuzevrijheid van patiënten afnemen. Dat staat op gespannen voet met de Mededingingswet, waar de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) op toeziet. “Dan zegt de inspectie vanuit haar verantwoordelijkheid dat kwaliteit voor keuzevrijheid gaat”, stelt Schellekens. “Voor ons telt puur het patiëntenbelang. De hoogcomplexe zorg moet je concentreren om het risico voor patiënten te verminderen. Maar ziekenhuizen mogen niet in het kielzog van afspraken over hoogcomplexe zorg ook de basiszorg verdelen. Bovendien is het belangrijk dat de zorgverzekeraar de afspraken regisseert.”
Specialisatieafspraken
Ook NMa-voorman Pieter Kalbfleisch gaf onlangs het groene licht voor specialisatieafspraken. Op een congres op 31 januari verklaarde hij dat ziekenhuizen dan wel moeten kunnen aantonen dat de kwaliteitsvoordelen van hun samenwerking opwegen tegen de nadelen van minder keuzevrijheid voor patiënten. (Zorgvisie – Bart Kiers)
Privéklinieken hekelen budgettering
Privéklinieken hekelen de budgettering van de medische specialistische zorg. De handel in zorgquota’s wijzen zij af. Zorgquota’s maken de zorg duurder. Dat schrijft brancheorganisatie Zelfstandige Klinieken Nederland (ZKN) in een brief aan de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa).
“Door evenals de melkquota een systeem van zorgquota te introduceren is de kans groot dat de zorg duurder wordt in plaats van goedkoper. Een kliniek die een zorgquotum koopt, moet de aankoopkosten in zijn verkoopprijs verwerken. Die gaat dus omhoog en het is maar afwachten of de verkopende partij de opbrengst ten gunste brengt van zijn verkoopprijzen,” aldus de ZKN.
Businessplannen onderuit
De ZKN heeft eerder al laten weten bang te zijn dat de budgettering bestaande businessplannen van klinieken onderuit haalt. De sector is de afgelopen jaren met tientallen procenten gegroeid. “Elk jaar komen er dertig à veertig nieuwe klinieken bij. Zij en de financiers hebben recht op transparantie. De onrust onder de initiatiefnemers die op dit moment bezig zijn met de oprichting van een nieuwe kliniek, neemt duidelijk toe”, schrijft de ZKN.
Nieuwe klinieken
Minister Klink heeft aangekondigd de honoraria van de vrij gevestigde specialisten te gaan budgetteren om grip te krijgen op de specialisteninkomens. Hij wil de budgettering per 1 januari 2011 doorvoeren. De NZa zal de minister binnenkort laten weten of dit haalbaar is. Een van de opties die de marktmeester onderzoekt om de omzetten van de ziekenhuizen en de klinieken nog enigszins flexibel te houden, is de handel in zorgquota.
Normtijd
De brancheorganisatie stelt voor dat per specialisme opnieuw naar de normtijd wordt gekeken. Dat is volgens de klinieken een betere oplossing dan budgetteren. “Het werkelijke aantal minuten per dbc is onbekend. Door in de ziekenhuizen en klinieken te onderzoeken wat per specialisme de omzet is geweest gedurende een bepaalde periode en wat de aanwezigheid van de specialist was, kan er op specialismeniveau een factor bepaald worden waarmee de minuten per dbc gecorrigeerd moeten worden. (…) Het voordeel is dat er een relatie blijft bestaan tussen het tarief en de inspanning, ofwel het loon-naar-werkenprincipe blijft gehandhaafd.” (Zorgvisie – Eric Bassant)
Inspectie plaatst OK’s Winterswijk onder toezicht
11 februari 2011
De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) heeft de operatiekamers (OK) van het Streekziekenhuis Koningin Beatrix in Winterswijk onder verscherpt toezicht gesteld. De veiligheid van patiënten was onvoldoende gegarandeerd doordat niet werd voldaan aan veiligheidsnormen en richtlijnen.
Inmiddels heeft de raad van bestuur al verbeteringen doorgevoerd om de veiligheid voor de patiëntenzorg te kunnen garanderen, zoals de ‘time out’-procedure, dubbelcheck van medicatie en beleid rond het gebruik van propofol. Door deze maatregelen voldoet de patiëntenzorg nu aan de noodzakelijke veiligheidsvoorwaarden. Daarom heeft de IGZ het uitvoeren van operaties niet hoeven stop te zetten.
Tekortkomingen
Tijdens een onaangekondigd bezoek aan het operatiekamercomplex van het ziekenhuis constateerde de inspectie ernstige tekortkomingen. De inspectie observeerde tijdens het inspectiebezoek een aantal operaties en inspecteerde de operatiekamers, de voorbereidende ruimte (holding), de uitslaapkamer en controleerde patiëntendossiers en protocollen. Daarbij viel op dat veiligheidschecks ontbraken of niet volledig werden uitgevoerd en het anesthesiegeneesmiddel propofol werd niet volgens de veiligheidsvoorschriften gebruikt. Daarnaast voldeed de overdracht van patiënten van holding naar OK, van OK naar uitslaapkamer en van uitslaapkamer naar de verpleegafdeling niet aan de veiligheidseisen. Tot slot hield het personeel op de OK’s zich niet aan de richtlijnen om infecties bij patiënten te voorkomen. Zo ontbrak het op de OK aan discipline, bijvoorbeeld op het gebied van kledingvoorschriften. Ook was het aantal deurbewegingen tijdens operaties onnodig groot. Er ontbrak een cultuur om elkaar hierop aan te spreken.
Verscherpt toezicht
· De inspectie heeft besloten het operatief proces van dit ziekenhuis onder verscherpt toezicht te stellen. Reden daarvoor is dat de raad van bestuur, inclusief het medisch stafbestuur, haar verantwoordelijkheid voor dit risicovolle zorgproces tot voor kort onvoldoende had genomen. De raad van bestuur en het medisch stafbestuur van het ziekenhuis herkennen en erkennen de constateringen van de inspectie. Het bestuur heeft inmiddels een plan van aanpak opgesteld om voor 1 maart aan alle normen te voldoen. Deze afspraken ook met alle OK-artsen en medewerkers doorgesproken. (Zorgvisie – Mark van Dorresteijn | Twitter)
Nederlandse huisartsen lopen voor in ICT-gebruik
25 februari 2011
Nederland is een van de voorlopers in het gebruik van ICT door huisartsen. Dit blijkt uit het Nederlandse landenrapport dat in het kader van het programma eHealth Strategies van de Europese Unie is gepubliceerd. De Europese Unie wil zo bekijken hoever lidstaten zijn met het gebruik van eHealth en EPD’s. Het rapport over Nederland werd goedgekeurd door Nictiz en VWS.
99 procent van de huisartsen gebruikt een computer tijdens consulten en 97 procent van de huisartsenpraktijken heeft een internetverbinding. Ook elektronisch recepten voorschrijven vindt veelvuldig plaats.
Verbeteringen
Ondanks de behaalde resultaten blijven er volgens het rapport mogelijkheden om verder vooruit te gaan met eHealth in Nederland. Zo is het uitstel van eNik, de elektronische ID-kaart voor het nationale EPD, een tegenvaller. Uberhaupt is toegang tot het EPD door patiënten een probleem, omdat uitblijvende wetgeving de implementatie tegenhoudt. Ook de kwestie van standaarden blijft problematisch. Nederland zou verder komen als wetgeving het gebruik van standaarden verplicht maakt. Volgens het rapport stijgt de vraag naar een volledige implementatie van een eHealth-applicatie, omdat dit de zorg betaalbaar en bereikbaar zou houden.
Uitdagingen
Een uitdaging voor de toekomst is het in een lijn brengen van de nationale, regionale en lokale eHealth-initiatieven. Het wiel moet niet opnieuw uitgevonden worden. Een andere uitdaging is om de onduidelijkheid over veiligheid en verantwoordelijkheid bij eHealth en telezorg weg te nemen. En wat in heel Europa moet worden ingevoerd, zijn EPD’s waarin alle patiënten zijn opgenomen.
Alle landenrapporten zijn te lezen op ehealth-strategies.eu.
Neelie Kroes wil wereldwijd EPD
28 februari 2011
Neelie Kroes heeft een akkoord getekend om uitwisseling van medische gegevens tussen de VS en de Europese Unie mogelijk te maken. Dit zou van groot belang zijn voor bedrijven die actief zijn of willen worden in de e-health sector, en ook voor de patiënten. Dat meldt security.nl.
“Nothing makes more of a difference to people’s lives than good health,” aldus Kroes. Ook de Amerikaanse ministerie van Volksgezondheid, Kathleen Sebelius, ondertekende het akkoord. (ICTzorg – ICTzorg / Twitter)
Schippers: Nog geen elektronische inzage EPD
25 februari 2011
Patiënten kunnen nog niet elektronisch hun eigen EPD inkijken. Dat schrijft minister Schippers in een nieuwe Kamerbrief over de ontwikkelingen van het EPD.
Het is de bedoeling dat patiënten via de landelijke infrastructuur hun gegevens kunnen opvragen die decentraal bij de zorgverlener in het systeem aanwezig zijn. Maar over het gsm- en sms-verkeer, waarvan het toegangsmiddel EPD-DigiD primair afhankelijk is, en over de elektronische Nederlandse Identiteit Kaart (e-nik) bestaat nog onduidelijkheid, schrijft Schippers. “Om die redenen bekijk ik op dit moment hoe de elektronische toegang van de patiënt tot zijn gegevens het beste kan worden ingevuld. Daarbij zullen zorgvuldigheid en veiligheid voorop staan. Ik ben van mening dat het van het grootste belang is dat de toegang door de patiënt maximaal beveiligd is. Eerst moeten garanties kunnen worden gegeven dat er een adequaat toegangsmiddel voorhanden is dat voldoet aan de hoge normen die het CBP aan de landelijke infrastructuur stelt, voordat de patiënt elektronisch toegang kan krijgen tot zijn gegevens.”
Toegang
Verder schrijft Schippers in de Kamerbrief dat het vanaf mei van dit jaar voor burgers mogelijk zal zijn om bijvoorbeeld alleen de eigen huisarts, de huisartsenpost in de regio en de eigen apotheek toegang te geven tot de gegevens indien dat noodzakelijk is. Deze functionaliteit wordt aangeboden via de website van het EPD-klantenloket. Naast de digitale functionaliteit met gebruik van DigiD zal ook in een papieren mogelijkheid worden voorzien.
Sms en e-mail
Schippers heeft besloten om mensen per e-mail of sms te inzicht te geven in het overzicht van zorgverleners die zijn of haar medische gegevens hebben opgevraagd en welke zorgverleners gegevens van hem of haar hebben aangemeld. Zo kunnen mensen automatisch en direct op de hoogte worden gesteld van elke raadpleging van hun gegevens. Bijbehorend zal het klantenloket EPD zo worden toegerust dat goed ingespeeld kan worden op eventuele vragen of signaleringen. De e-mail-notificatie zal naar verwachting in het vierde kwartaal 2011 klaar zijn. Voor sms-notificatie is dit in verband met de bijkomende hogere kosten nog niet duidelijk.
Communicatie
Op dit moment wordt gewerkt aan een communicatie-strategie voor het landelijk EPD. Het plan bevat een communicatiestrategie en de organisatie van regionale bijeenkomsten waarin de betrokken koepels en Nictiz gezamenlijk de achterban informeren. De koepels worden toegerust om eventuele knelpunten die zorgprofessionals in de praktijk ervaren te signaleren en met voorstellen voor oplossingen te komen. Ook is een taskforce opgericht met de regionale samenwerkingsverbanden om tot de gewenste stroomlijning tussen de landelijke en regionale communicatie te komen. Hierbij wordt specifiek gekeken naar de genoemde ‘persoonlijke EPD-brief’. (ICTzorg – ICTzorg / Twitter)
ICTzorg magazine
Nederlandse ziekenhuizen actiefst met sociale media
10 januari 2011
Meer dan de helft van de Nederlandse ziekenhuizen is te vinden op LinkedIn. Daarmee zijn de Nederlandse ziekenhuizen het actiefst bezig met sociale media. Dat blijkt uit onderzoek van Lucien Engelen van Radboud REshape & Innovation Center. Het aantal Twitteraccounts van Nederlandse ziekenhuizen is de afgelopen anderhalf jaar gestegen van 4 naar 29. Het aantal accounts op Youtube, Hyves en RSS-feeds zijn in anderhalf jaar tijd verdubbeld. Ter vergelijking: in België zijn 22 ziekenhuizen te vinden op LinkedIn en Facebook. Een van de 91 Belgische ziekenhuizen heeft een Twitteraccount. Groot-Brittanië zit Nederland op de hielen met 21,3 procent die een Twitteraccount heeft en 40 procent met een LinkedIn-account.

Social media gebruik van ziekenhuizen in Nederland. Cijfers De cijfers van alle Europese ziekenhuizen zijn te bekijken op hospitalseu.wordpress.com. (ICTzorg – ICTzorg / Twitter)
St Antoniusziekenhuis stelt iPads voor patiënten beschikbaar
11 januari 2011
In het St. Antonius Ziekenhuis krijgen patiënten van de verpleegafdeling hematologie/oncologie een iPad ter beschikking. Dat meldt destadutrecht.nl. Het gaat om acht tablets die bedoeld zijn voor patiënten die na een stamceltransplantatie of zware chemobehandeling een aantal weken geïsoleerd verpleegd moeten worden. WiFi Patiënten krijgen op de iPad toegang tot films, e-books, games en muziek. Op de verpleegafdeling is tevens een beschermd wifi-netwerk aanwezig. Het gaat om een proef die wordt gesponsord door de stichting Vrienden van Antonius. (ICTzorg – ICTzorg / Twitter)
Technologie eHealth vaak te ingewikkeld
18 januari 2011
eHealth is, ondanks de grote potentie die het heeft, tot op heden niet op grote schaal doorgebroken. eHealth-onderzoekster Nicol Nijland, werkzaam bij de Universiteit Twente en het zorginnovatiebedrijf Medicinfo, onderzocht waarom veel toepassingen onvoldoende van de grond komen en ontwikkelde een onderzoeks- en ontwerprichtlijn voor betere en snellere verankering van eHealth-toepassingen.
Nijland promoveert op vrijdag 21 januari aan de Faculteit Gedragswetenschappen op haar onderzoek. Uit haar onderzoek komt naar voren dat bij veel toepassingen de menselijke maat ontbreekt. “Er wordt vaak te veel vanuit de technologie geredeneerd, waardoor artsen en patiënten niet overweg kunnen of willen met technologie. Het ontwikkelen van hoogwaardige technologie alleen is niet voldoende; je moet zowel rekening houden met de mensen die de technologie moeten gebruiken als met de omgeving waarin de eHealth-toepassing moet functioneren. Het is daarom van belang om bij de ontwikkeling van eHealth-toepassingen de hele zorgketen te betrekken. Dan heb je het onder meer over artsen, patiënten, ontwikkelaars, zorgverzekeraars, onderzoekers en de overheid.”
eHealthwiki
Om ontwikkelaars van nieuwe eHealth-toepassingen te helpen, ontwikkelde Nijland in samenwerking met het IBR-Center voor eHealth Research een adviesrichtlijn voor het ontwikkelen, evalueren en toepassen van eHealth-technologieën die werken, helpen en duurzaam zijn. Ze vergelijkt de adviesrichtlijn met een kookboek. “Ze bevatten alle ingrediënten die nodig zijn om succesvol eHealth-toepassingen te ontwikkelen.” De adviesrichtlijn bestaat uit verschillende methoden en instrumenten en is beschikbaar via www.ehealtwiki.org.
Toekomst
Ondanks de opstartproblemen is Nijland optimistisch over de toekomst van eHealth. “Ik heb het idee dat eHealth nu echt in een stroomversnelling komt. Ik ben onder de indruk van de technologische mogelijkheden. Er wordt in Nederland hard gewerkt aan zorginnovatie. Voorbeelden van veelbelovende eHealth-toepassingen zijn digitale communicatieplatformen zoals het platform voor preventie van resistente infecties zoals MRSA en social-media-toepassingen zoals het Tweetspreekuur. Ik hoop dat ‘eHealthwiki.org’ kan helpen bij de verdere opmars van dergelijke innovatieve eHealth-toepassingen.” (ICTzorg – ICTzorg / Twitter
EPD maakt zorg niet beter en effectiever
19 januari 2011
Britse onderzoekers hebben nauwelijks bewijs kunnen vinden dat digitale innovaties zoals het EPD de zorg beter en efficiënter maken. Uit 53 publicaties die zij doorspitten bleek dat er alleen zeer zwak bewijs is dat zulke innovaties een nuttig effect hebben, schrijft het Nederlands Dagblad.
Ook concludeerden de onderzoekers dat het invoeren van nieuwe technologieën niet zonder risico is. Zo kunnen artsen te veel vertrouwen op hun computersysteem.
Bewijs
De onderzoekers bekeken publicaties over het EPD, onderzoeken naar computerprogramma’s die de arts helpen de juiste geneesmiddelen uit te kiezen en studies naar consulten en behandeling via internet. Bewijs dat de invoering van dit soort systemen geld bespaart, ontbrak. (ICTzorg – ICTzorg / Twitter)